12 Doelstellingen van de Vlaamse regering voor de 21ste eeuw

De Vlaamse regering en de sociale partners onderschrijven een beleid dat uitgaat van duurzame ontwikkeling en internationale openheid. Dit betekent enerzijds dat er een evenwicht is in de aandacht voor en de spreiding over economische, sociale en ecologische doeleinden. Anderzijds vertrekt het beleid van het besef dat Vlaanderen geen eiland is, maar zich in de toekomst meer nog dan vandaag zal inbedden in grotere gehelen, in eerste instantie in Europa.
Regering en sociale partners streven alle hierna volgende doelstellingen na in een geest van overleg en samenwerking met alle betrokkenen. Zij roepen alle actoren in de samenleving op om voor de realisatie van deze doelstellingen mee hun verantwoordelijkheid op te nemen. De Vlaamse regering en de sociale partners zijn verheugd dat de natuur- en milieuverenigingen nu reeds positief op deze oproep reageren.
Het engagement dat de ondertekenaars aangaan, moet er in 2010 toe leiden dat Vlaanderen inzake deze 21 doelstellingen voor de 21ste eeuw, een Europese topregio is geworden.

Doelstelling 1
Vlaanderen is in 2010 verder geëvolueerd naar een lerende samenleving. Het levenslang en levensbreed leren zijn ingebed in de samenleving. Minstens 10 procent van de Vlaamse inwoners tussen 25 en 65 neemt dan deel aan permanente vorming.
Een lerende samenleving erkent ook dat competenties waar en hoe men ze ook verwerft, evenwaardig worden erkend.

Doelstelling 2
In 2010 is het aantal functioneel geletterden en het aantal personen met ICT-vaardigheid gestegen tot meer dan driekwart van de bevolking. Het aantal jongeren dat de school verlaat zonder voldoende startkwalificaties voor de arbeidsmarkt en de samenleving, is tegen dan minstens gehalveerd.
Tegen 2010 is het onderwijs meer gedemocratiseerd. De dualisering van de samenleving wordt bestreden door de toegang tot leerinitiatieven aan iedereen te garanderen en door doorheen het gehele leerproces effectief en efficiënt ongelijke kansen aan te pakken.

Doelstelling 3
In het Vlaanderen van 2010 heeft elke persoon op actieve leeftijd de gelegenheid om een volwaardige job uit te oefenen. De werkzaamheidsgraad ligt tegen 2010 zo dicht mogelijk bij de 70 procent.

Doelstelling 4
Dankzij een verhoging van de kwaliteit van de arbeid, de kwaliteit van de arbeidsorganisatie en de kwaliteit van de loopbaan is in 2010 werkzaam worden en blijven voor iedereen aantrekkelijk. In 2010 ligt de werkbaarheidsgraad substantieel hoger.

Doelstelling 5
In 2010 is de achterstand van vrouwen enerzijds en van kansengroepen (onder meer allochtonen, arbeidsgehandicapten, laaggeschoolden) anderzijds inzake deelname aan het arbeidsproces in belangrijke mate weggewerkt. Dit blijkt onder meer uit het feit dat zij niet langer oververtegenwoordigd zijn in de werkloosheid.

Doelstelling 6
Vlaanderen is in 2010 verder geëvolueerd naar een ondernemende samenleving. De dalende trend van startende ondernemingen is omgebogen. Inzake de netto-aangroei van het aantal ondernemingen hoort Vlaanderen bij de vijf beste Europese regio's.

Doelstelling 7
De Vlaamse economie steunt tegen 2010 op een verdubbeling van het percentage 'gazellen'. Deze snelgroeiende middelgrote ondernemingen hebben Europa als thuismarkt en zijn sterk aanwezig in internationaal erkende netwerken en kenniscentra.

Doelstelling 8
Vlaanderen is tegen 2010 een van de meest aantrekkelijke Europese regio's voor de vestiging en ontwikkeling van ondernemingsactiviteiten. Dit blijkt uit het feit dat de investeringsquote in Vlaanderen dan tot de top 5 van EU-regio's behoort.

Doelstelling 9
In 2010 wordt een kwart van de omzet van de Vlaamse ondernemingen gerealiseerd via nieuwe producten en diensten en is het aantal starters dat vanuit de kenniscentra in Vlaanderen voortspruit, verdubbeld.

Doelstelling 10
De armoedebestrijding en sociale cohesie zijn in 2010 zo ver gevorderd dat Vlaanderen zich op deze terreinen bij de top 5 van EU-regio's bevindt. Alle inwoners en doelgroepen hebben tijdens elke levensfase voldoende ontwikkelingskansen en keuzemogelijkheden om op elk domein deel te nemen aan het maatschappelijk leven.

Doelstelling 11
In 2010 waarborgt Vlaanderen een toereikend, efficiënt, effectief en voor iedereen toegankelijk en kwaliteitsvol zorgaanbod.

Doelstelling 12
In 2010 hebben de inwoners van Vlaanderen de mogelijkheid om een volwaardige loopbaan uit te bouwen én de zorg op te nemen voor gezin en eigen leefomgeving.

Doelstelling 13
De stijging van de kwaliteit van het leven heeft er tegen 2010 toe geleid dat de helft van de Vlaamse bevolking zich een regelmatig cultuurparticipant voelt.

Doelstelling 14
Vlaanderen is in 2010 een open en verdraagzame samenleving waarin iedereen volwaardige kansen heeft om aan het maatschappelijke en politieke leven deel te nemen. Binnen Europa is Vlaanderen in 2010 ook een topregio inzake verdraagzaamheid en tolerantie.

Doelstelling 15
De actieve openheid voor andere en vreemde culturen die Vlaanderen kenmerkt, leidt er vanaf 2010 toe dat elke jongere uit Vlaanderen de kans krijgt om een ervaring op te doen in het buitenland, onder meer in het kader van samenwerkingsontwikkeling, culturele vorming of onderwijs.

Doelstelling 16
In 2010 heeft Vlaanderen betekenisvolle vooruitgang geboekt op het vlak van water- en luchtkwaliteit, bodembescherming, geluid- en geurhinder en natuurbehoud, zodanig dat Vlaanderen inzake gezondheid en biodiversiteit de vergelijking met andere economische topregio's moeiteloos kan doorstaan.

Doelstelling 17
In 2010 behoort Vlaanderen tot de topregio's inzake eco-efficiëntie. Vlaanderen heeft hierdoor dan een vergaande ontkoppeling gerealiseerd tussen de economische groei enerzijds en milieu-impact, materiaal- en energiegebruik anderzijds.

Doelstelling 18
Tegen 2010 heeft Vlaanderen, conform de Europese verbintenissen en rekening houdend met het potentieel in Vlaanderen, reeds een substantiële verhoging bereikt van het gebruik van hernieuwbare energiebronnen in de energievoorziening.

Doelstelling 19
De bereikbaarheid van de economische en maatschappelijke activiteiten is in 2010 verhoogd door een toename van het gemeenschappelijk vervoer, de wegwerking van missing links waar nodig, bedrijfsvervoersplannen en het doelmatig gebruik van de bestaande vervoerscapaciteit.

Doelstelling 20
De verkeersveiligheid is in 2010 dermate verbeterd, dat Vlaanderen zijn achterstand tegenover de huidige Europese koplopers heeft gehalveerd.

Doelstelling 21
In 2010 neemt meer dan één op twee Vlamingen actief deel aan het verenigingsleven. Door de versterking van het sociaal kapitaal is het vertrouwen van de burger in de samenleving en zijn instituties verhoogd. De burger voelt zich dankzij een actieve participatie aan en van het middenveld beter betrokken bij de gemeenschap. Hierdoor is het democratisch gehalte van Vlaanderen verbeterd