Vat eerst samen, bestudeer het hoofdstuk intelligentie en ga na hoever men momenteel is in de relativering van het IQ als maatstaf van succesvol onderwijs.

TERUG

2.1.1 Het IQ-debat

Samen met het categoriaal onderwijs, of een onderwijs opgedeeld in verschillende onderwijstypen telkens bestemd voor een andere laag van de bevolking, heeft de testpsychologie een hoge vlucht genomen. Ook omgekeerd heeft dankzij de testpsychologie het categoriaal onderwijs zich zeer sterk kunnen uitbouwen en zich lang in stand kunnen houden.

Met het eindeloos uitsplitsen van ons onderwijs in allerlei studierichtingen werd het IQ-model echter onhoudbaar. Even heeft men er nog aan gedacht de klus te kunnen klaren met nieuwe psychometrische technieken nl. de factor-analyse. Via deze nieuwe statistische technieken dacht men, naast een algemene intelligentiefactor, ook nog verschillende vormen van intelligentie te kunnen achterhalen. Met deze nieuwe psychologische inzichten hoopte men de diversificatie in ons onderwijs verder te kunnen onderbouwen.

Men dacht zelfs het principe van de gelijke kansen eindelijk te kunnen realiseren: iedere leerling zou, naargelang van zijn specifieke aanleg en interesse, een aangepaste onderwijsvorm krijgen. De wetgever daarenboven waarborgde, via de wet op de "omnivalentie", de gelijkheid van alle diploma's van het secundair onderwijs en de doorstroming naar het hoger onderwijs.

Vooral vanaf de jaren zeventig groeide de kritiek op het gebruik van psychologische modellen binnen het onderwijs. De vernieuwingsgezinde scholen hadden minder boodschap aan de predictie van toekomstig schoolsucces. Hun vraag hield verband met de hulpverlening aan leerlingen in probleemsituaties. Maar ook vanuit de PMS-centra werden kritische vragen gesteld rond het gebruik van deze technieken. Men trok de betrouwbaarheid en de geldigheid of validiteit van deze technieken niet in twijfel. In bepaalde situaties kunnen deze technieken echt waardevol zijn onder meer voor het opdelen van grote groepen van leerlingen naar niveau en spreiding (homogeen of heterogeen). Er rezen echter zeer grote vragen rond de relevantie van deze technieken voor de didactische hulpvraag van de school. Voor de leerkracht, die een leerling met leerproblemen wil helpen, is het veel relevanter te weten waar en hoe hij kan helpen, dan te weten welk IQ of welk percentiel een leerling heeft ten overstaan van het klasgemiddelde. Vanuit de hulpverlening gaat men dan ook meer taak- en procesgericht werken: vanuit een vastgesteld leertekort gaat men na welke factoren in het ontwikkelings- en leerproces fout zitten en hoe die verholpen kunnen worden.

Door in te gaan op individuele probleemsituaties bij de overgang naar het secundair onderwijs stelde men de tekorten vast van het vroegere psychotechnisch werkmodel, waarin collectieve testen centraal stonden. Alhoewel zo niet bedoeld, was deze werkwijze vervallen tot een selectieprocedure. Leerlingen uit het zesde leerjaar met zwakke schooluitslagen, werden systematisch onderschat door groepsintelligentietesten. Deze testen vooronderstelden voor bepaalde leerlingen immers een leesniveau dat voor hen veel te hoog lag. Hierdoor werd hun IQ onderschat. Het technisch lezen heeft immers, na zes jaar leesonderricht, niets meer te maken met het IQ. Toch werd dit onderschatte IQ gezien als een verklaring van de lage uitslagen op de schoolse kennisproeven. Deze leerlingen werden dan verwezen naar een lager onderwijsniveau. Intussen bleven ze verstoken van de noodzakelijke aangepaste hulp.

Inmiddels is het onderzoek naar de intelligentie, en de daaraan verwante testpsychologie, verder geëvolueerd. Men hecht nu minder aandacht aan het onderzoek naar individuele niveauverschilien in de intelligentie en aan de verschillende vormen van intelligentie. Het onderzoek gaat nu vooral uit naar de processen, die samenhangen met de verschillende vormen van intelligentie (De Boeck, R, 1986, 64).

J. TALLON & Chris Van den Vreken, Omgaan met verschillen in de school. Brussel, DVO, 1997, p. 16

TERUG NAAR HET IQ-debat in de productgericht beginsituatie


All rights P.Timmermans © 2004