BEPALEN VAN DE ONDERWIJSLEERSITUATIE
DIDACTISCHE WERKVORMEN EN LEERSTRATEGIEËN

ECHT LEREN GEBEURT ALS ONZE MANIER VAN OMGAAN MET ONZE OMGEVING doelmatig VERANDERT:
proces
Beginpunt ================================ > EINDPUNT
C + A + M C a m c Am caM

van vaag naar precies, van onbekend naar bekend
van proberen naar doelmatig
van foutief naar correct handelen
van doelbewust naar automatisch
van zonder inzicht naar met inzicht

LEERVORMEN
- associatief leren / conditionering
- leren door bekrachtiging (negatieve versterkers, positieve versterkers) =operante conditionering
- sociaal leren / interactioneel leren (modeleren, imiteren, praktijkleren)
- latent leren
- inzichtelijk leren (=> hfst denken)
- actief ­constructief leren
1.
competentie verwerven
- domeinspecifieke kennis
- heuristieken en algoritmen
- affectief
- metacognitief
2. constructieve
leerprocessen passief ><actief
cumulatief vanuit voorkennis
autonoom
doelgericht
situatiegebonden
individueel

LEERTYPES

LEREN is
VEELVORMIG pluralistisch standpunt
- SPONTAAN / incidenteel leren
- UIT EIGEN BEWEGING / zichzelf aanleren
- BEGELEID LEREN (school, bedrijf, vormingscursus...)
- KRITISCH LEREN een combinatie van afleren en aanleren

LEREN INTERN GESTUURD => KENNIS ZELF OPBOUWEN
ACTIEF LEREN veronderstelt
BANEND ONDERWIJS (CONSTRUCTIVISTISCH)
LEREN
EXTERN GESTUURD => INPUT LEERKRACHT
STUREND LEREN (INSTRUCTIONISTISCH )

ZINVOL LEREN
- beoogt DUURZAME gedragsveranderingen (wendbaar, integratie ...)
- essentieel is SUCCESBELEVING

- veronderstelt ACTIEVE BETROKKENHEID van de lerende
- KRACHTIGE LEEROMGEVING
- aangepast LEERKLIMAAT ( <= ONDW.STIJL)

 

Welk is de beste methode? Groepswerk of onderwijsleergesprek?
Is een individuele / zelfstandige taken zinvoller dan klassikaal doceren?
......
= DIDACTISCH EEN VERKEERDE DISCUSSIE

KEUZE en BELANG van de werkvorm(en) = afhankelijk van
- product- / procesgerichtheid
- aard van het (de) leerproces(sen) die men beoogt (zit in LESDOEL)
- de aard van de leerinhoud(en)
- interne beginvoorwaarden van de leerling en van de groep: voorkennis, ervaringen, aard van de motivatie, attitudes, leerklimaat
- externe beginsituatie (organisatie, externe differentiatie, enz.)