TERUG NAAR HOOFDPAGINA

terug naar index hoofdstuk intelligentie

TERUG NAAR INTERNE BEGINVOORWAARDEN


P. Timmermans © 2004

Synthesetekst

INTELLIGENTIE

 

 

1. HET VERSCHIJNSEL 'INTELLIGENTIE'=> BEGRIPSOMSCHRIJVING

Neem één van de volgende discussievragen op en ondervind hoe moeilijk het is om eensgezind te geraken over intelligentie en over hetgeen intelligentie te bieden heeft.

GROEPSDISCUSSIE

KEUZE

1. Welke BV vind je (het meest) intelligent en waarom:

Kim Clijsters - Barbara Dex,

Inge Vervotte - Freya Van den Bossche,

Jan Leyers - Bart Peeters

Guy Verhofstadt - Prins Filip?

Denk erover na waarom we willen peilen naar de intelligentiegraad van deze BV's.

 

2. Zijn dieren ook intelligent?

WAAROM hebben we hier een vraag die ons aanbelangt in het kader van de menselijke intelligentie?

 

3. Zijn computers dom? (Artificiële intelligentie zie laatste tekst van het hoofdstuk in het boek)

 

4. Gezond verstand hebben: wat betekent dat?
Wat is het verschil tussen SLIM en DOM?

 

5. Welke intelligentie(s) heeft een leraar nodig?

___________________________________

Doe de IQ-TEST ON LINE (enkel met HYPERCARD voor Apple computers)


- Verschillende opvattingen over wat intelligentie is : cfr. benadering landschap
=> productgericht: I = datgene wat de intelligentietest meet (kwantitatief)
=> klassieke opvatting (cfr. PSYCHOMETRISCHE proeven):
I = het doelmatig hanteren van denkmiddelen (waarneming, geheugen, verbeelding, denken) om nieuwe taken, situaties of problemen uit het leven aan te kunnen
=> IQ-debat: is het resultaat op klassieke test een predictor voor schoolsucces?
lage schooluitslag=> lage intelligentie
=> hoeveel delen? één geheel? g-factor
meerdere aspecten: verbaal, non-verbaal, spatiaal
soorten I: theoretische I, praktische I, motorische I, sociale I, esthetische I

INTELLIGENTIE-STRUCTUUR: GUILFORD model
=> omzetten van een concept naar een zinvolle en operationele testconstructie

=> (eerder) procesgericht ( als proces van informatieverwerking)


I = de manier waarop iemand informatie verwerkt.
=> INTELLIGENTIEPROFIEL bepalen. bv. De B I S - proef => 8 soorten software:
1. ideeën lanceren 2. verwerkingssnelheid 3. absorptievermogen
4. complexe informatie 5. verbaal 6. numeriek 7. inbeelden 8. algemene I.

PROCESGERICHTE VISIE VAN STERNBERG op intelligentie (lees uitvoeriger in het boek p. 259)

Intelligent gedrag = de bekwaamheid om met nieuwe informatie om te gaan (= het proces van informatieverwerking)

= innerlijke processen

1. mbt het plannen: het probleem onderkennen, informatie selecteren, kiezen, beslissen (META-niveau)
2. mbt het uitvoeren van een taak: elementen uit de werkelijkheid selectief betekenis geven, selectief vergelijken, selectief combineren. (REALISATIE-niveau)
3. mbt de kennisverwerving: hoe de mens met zijn omgeving intelligent kan omgaan: welke processen spelen wanneer de mens NIEUWE informatie binnenhaalt. (CONTEXT-niveau)
zich aanpassen aan de omgeving
als aanpassing een nieuwe omgeving opzoeken
de omgeving naar zijn hand zetten.

=>product- & procesgericht: Howard GARDNER: autonome intelligentiegebieden (boek p. 257)


I =
een psychobiologisch potentieel om problemen op te lossen en om producten te creëren die gewaardeerd worden in tenminste één cultuur.
1. Talig 2. Logisch-mathematisch 3. Ruimtelijk 4. Muzikaal
5. Lichamelijk 6. Interpersoonlijk 7. Intrapersoonlijk 8. Natuurgericht

Hulptekst over meervoudige intelligenties.doc

 

2. HET METEN VAN INTELLIGENTIE

Oorsprong bij BINET 1904 selectieproef => homogene klasgroepen maken
VL : op zoek naar verstandelijke opgaven typisch voor een bepaalde leeftijd
(5 tot 13 jaar).
GODDARD: 1912 mentaal gestoorde immigranten tegenhouden
=>US Immigratiewet 1917: wetensch. racisme ('constitutionele inferioriteit').
Stanford-Binet individuele test 1916: TERMAN IQ formule
Army-Alpha en Army-Beta groepstest
IQ-kritiek => Deviatie IQ en IQ-equivalent
IQ-testcriteria: 1.standaardisatie
2. betrouwbaarheid
3. validiteit
4. ijking
spreiding van de intelligentie: Gauss curve
INTELLIGENTIENIVEAUS
standaarddeviatie( => testresultaten van kwantitatieve testen onderling vergelijken)

3. AFKOMST?


Rol erfelijkheid ?
Correlatiecoëfficiënten tweelingenonderzoek
De appel valt niet ver van de boom.
Welke zijn de GRENZEN van intelligentiegroei? E- M- P

4. VORMBAAR?


FEUERSTEIN


PYGMALION-effect


Productgericht onderwijssysteem => procesgericht begeleiden


Betekenis van EMOTIONELE INTELLIGENTIE (GOLEMAN)

kern:
1. eigen emoties inzien &

2. reguleren

3. zelfmotivatie

4. andermans emoties inzien en

5. reguleren

ROL VAN EMOTIONELE INTELLIGENTIE : zie discussietekst klik hier

 

NOTEER HIER IN HET SCHRIJFVENSTER WAT JE HET MEEST IS BIJGEBLEVEN BIJ HET BESTUDEREN VAN DIT HOOFDSTUK

 

TERUG NAAR TOP

terug naar index hoofdstuk intelligentie

TERUG NAAR INTERNE BEGINVOORWAARDEN


TERUG NAAR INDEX PSYCHOLOGIE

TERUG NAAR DE HOOFDPAGINA VAN DEZE WEBSITE

All rights reserved © P. Timmermans 2002-2003-2004

Email voor reacties of vragen: >:opvoedkundePT@khleuven.be